Vier dove Surinamers op bezoek


Tijdens het WFD Congres van 2003 geleden had Dovenschap een gesprek met Lisa Kaupinnen (toen president WFD) en Marku Johinnen (nu president WFD). Toen kwam ter sprake dat Suriname een vrij onbekend land is bij dovenorganisaties. Er zijn bijvoorbeeld weinig contacten met de buurlanden. Vanuit Carecom (verenigde landen in het Caraïbisch gebied en Midden-Amerika, vergelijkbaar met de EUD) is er ook geen contact met Suriname.

In Suriname is er een werkgroep Saamhorig, die bestaat al 20 jaar. De meeste bestuursleden daarvan zijn horend. De dove mensen hebben nu het idee dat ze meer op eigen intitaitief activiteiten willen organiseren. Ze willen de regie minder aan de horenden overlaten en meer zelf in de hand houden. Ze hebben daar echter op dit moment niet voldoende kennis voor.

Tijdens een kennismakingsreis in maart 2007 is er een soort kadertraining opgezet. Deze werd gegeven door Dick Kerkhoven en Detta Pengel, in de periode maart t/m juni. Van de 10 cursisten zijn er 4 geselecteerd voor een studiereis naar Nederland en het WFD Congres in Madrid. Zij wilden deze reis gebruiken om antwoord te krijgen op hun vragen, bijvoorbeeld over het opzetten van een clubhuis of het organiseren van activiteiten en gebarencursussen.

In Nederland hebben deze vier mensen een bewustwordingsprogramma gevolgd. Ze hebben bezoeken gebracht aan instellingen en organisaties voor doven, waaronder de Gelderhorst, Tolknet, Bureau DDS, Psydon, Effatha Guyot en het Gebarencentrum. Ze hebben ook contacten gelegd met Dovenschap en de lokale welzijnsstichtingen en clubhuizen, bijvoorbeeld SWDA en Swedoro. Hun ogen zijn geopend door het vele werk dat de dove vrijwilligers doen in clubhuizen. Ze hebben nu ook een beter idee wat bestuurswerk inhoudt en hoe dove mensen leven in Nederland.

Ze begrepen dat de tolkvoorziening, het teletekstnieuws en de teksttelefoon belangrijke bijdragen hebben geleverd aan de emancipatie van de dove Nederlanders in de jaren ’80. Helaas bestaan deze belangrijke schakels tussen de dove en horende wereld nog niet in Suriname.

Tot slot hebben ze zich in Nederland voorbereid op het WFD Congres van 2007. Ze hebben uitleg gekregen over de internationale dovenbeweging, de huidige ontwikkelingen, de onderwerpen die op de agenda zullen staan en de General Assembly (Algemene ledenvergadering).

De deelname van de Surinamers aan het congres sloot precies aan bij de huidige situatie en behoefte in Suriname. Ze hebben veel gezien en gehoord over politieke, culturele en sociale onderwerpen als human Rights, onderwijs en gebarentaal. Ook hebben ze films en theatervoorstellingen gezien, opgezet en ontwikkeld door doven. Door deze ervaringen hebben ze de mogelijkheid gekregen zich te spiegelen aan de aanwezigheid van andere doven uit ontwikkelingslanden en ervaringen met hen uit te wisselen.

Ze hebben ook vele contacten opgebouwd met mensen vanuit hun buurlanden en de Carecom. Hierbij zijn negen landen aangesloten, maar Suriname niet. Ze waren vol van het idee dat de mogelijkheden voor doven enorm groot zijn. Ook hebben ze het idee dat de mogelijkheden die ze hebben via de mensenrechten heel groot zijn en dat ze die goed kunnen gebruiken in hun eigen land.

De Nederlandse doven hebben hen opgevangen en ondersteund. Dit maakt het bewustmakingsproces ten aanzien hun eigen doofheid en eigen kracht groot. Door deze ervaringen kunnen de Surinaamse doven een betere positie krijgen. Dit kan er weer voor zorgen dat ze in staat zijn om een eigen netwerk op te zetten via internationale profilering. Ook aansluiting bij de WFD is dan uiteindelijk mogelijk.

Dit project krijgt een vervolg in het najaar van 2007. We willen de mensen die deze studiereis hebben gemaakt verder ondersteunen in hun eigen land. We zullen ze aan een netwerk en kennis helpen zodat de Surinaamse doven zichzelf verder kunnen ontwikkelen. DOS wil de Surinaamse gemeenschap helpen om een eigen landelijke organisatie op te zetten, voor en door Doven. Deze organisatie moet zich gaan inzetten voor de belangenvertegenwoordiging van Doven in Suriname.

We zullen ook kijken naar de mogelijkheden om in de toekomst samen nieuwe projecten op te zetten.