Monica Versluis in Zuid-Afrika
Idealisme en empowerment: kan dat samengaan??
Eind september ging ik voor twee weken naar Worchester/Kaapstad in Zuid Afrika op uitnodiging van Lewensruimte in Worchester. Ze organiseerden een Conferentie met het voornemen om iets op te zetten op het terrein van geestelijke gezondheidszorg. Ik werd uitgenodigd om iets te komen vertellen als dove professional. Deze uitnodiging juichte ik toe omdat ik al langere tijd met de gedachte rondliep om drie maanden weg te gaan en iets te willen doen in het buitenland op het terrein van ontwikkelingssamenwerking. Dat was altijd mijn ideaal en een uitdaging geweest. Hoe en wat ik wilde gaan doen was nog niet duidelijk. Voorwaarde was wel dat ik daar niet niks wilde doen.
Mijn eigen gedachten op dat vlak waren dat ik iets vanuit mijn ervaringen als dove persoon en binnen de hulpverlening wilde doen in het buitenland. Niet dat ik daar iets zou willen opzetten omdat ik het zogenaamd beter zou weten, of iets zou willen opleggen aan hen. Dat zou ook in strijd zijn met mijn empowermentvisie.
Het woord empowerment wordt de laatste jaren gebruikt, en is een vorm van emancipatie, van het je bewust worden van het eigen kunnen en dat ook nastreven. Maar ook binnen deze visie breng je je gevoelens mee over ervaringen die je eerder hebt meegemaakt, en die te maken hebben met je eigen emancipatie. Het gevoel dat je voor jezelf moet opkomen, jezelf moet bewijzen, en anderen moet bewijzen dat je niet minder bent, als dove persoon.
Tijdens deze reis heb ik een aantal ervaringen meegemaakt die in botsing kwam mijn gevoelens, gedachten en Visie. Met dit verslag wil ik mijn ervaringen in Zuid-Afrika weergeven onder het motto ‘Idealisme en empowerment: kan dat samengaan??’
Mijn idealistische gedachten
- Het is leuk en uitdagend om er naartoe te gaan.
- Jij bent in een ander land en ontmoet er andere mensen.
- Even weg van Nederland.
- ls het kan, wil ik iets aan anderen uitdragen: namelijk mijzelf, wat ik mee heb gemaakt en mijn deskundigheid.
Mijn gedachten bij empowerment
- De cultuur respecteren.
- Me bescheiden en afwachtend opstellen, vanuit een underdogpositie reageren.
- Niet mijn eigen normen en waarden/cultuur opleggen aan een andere cultuur.
Dit geldt ook voor de horende cultuur ten aanzien van de dovencultuur.
Mijn ervaringen tijdens de trip
Toen ik daar kwam was men er niet goed op voorbereid dat ik kwam. Ondanks de fantastische internetverbindingen die ook daar bestaan.
Omdat ik doortastend van aard ben en gewend om alleen te reizen lukte het om alles ter plekke voor elkaar te krijgen, zoals het niet meer hoeven slapen op de dovenschool maar te verhuizen naar een appartement samen met een andere dove Nederlandse vrouw die daar al een paar maanden werkte. Ook vond ik zelf de contactpersoon op het vliegveld ondanks dat deze niet gewend is met doven te communiceren.
De verhoudingen daar tussen doof en horend waren erg ongelijk, merkte ik. Het leek of men niet wist waarom ik daar was. Het was zowel voor hen als voor mijzelf niet duidelijk wat de reden was van het uitnodigen van een dove professional. Het was wel goed om te zien dat er in het congres zoveel verschillende landen vanuit heel Afrika vertegenwoordigd waren. Tegelijkertijd was het ook wel duidelijk dat de meeste mensen binnen de delegaties horend waren.
Er waren enkele doven afkomstig uit Rwanda , Kenia en Mauretanië. Ze hadden nauwelijks een opleiding maar als je naar hen keek, zag je bij hen ook de gedrevenheid om wat te doen in hun eigen land.
Ik was daar de enige dove Europese professional. De dove mensen die ik ontmoet heb in Lewensruimte hadden weinig opleiding genoten. Vaak wilden ze wel, maar ze kregen weinig kansen. Er waren bijvoorbeeld geen tolken en weinig ondersteuning (geld). Ik kon daar ook weinig met ze uitwisselen. Ik kreeg het gevoel dat ze daarvoor geen tijd hadden en/of het ook niet wilden. Ze hebben geleerd dankbaar zijn voor wat ze hebben en doen. Ze hebben immers werk op Lewensruimte.
Ze gedroegen zich meer passief dan actief.
Ik was eigenlijk te ver ontwikkeld in verhouding tot hen. Er was ook een kloof tussen hen en mij. Bijvoorbeeld: ik moest er een lezing houden als dove professional, maar er waren amper dove mensen bij aanwezig.
Tijdens de conferentie werd ik ook geconfronteerd met de strijd van enkele dove personen. Ze werden uitgenodigd omdat ze doof waren en een voorbeeldfunctie hadden voor andere dove mensen en het overige personeel. Maar ze werden niet als gelijkwaardig beschouwd.
Het was wel mooi te zien, dat bij iedere werkgroep een dove én een horende persoon als rapporteur optraden bij het vertellen van de uitkomsten van de werkgroep, om te zorgen dat er hier ook sprake zou zijn van gelijkwaardigheid. Maar je moest wel behoorlijk assertief zijn, anders kreeg je als dove de beurt niet. Ook waren er niet alleen verschillen tussen doof en horend maar ook tussen zwarten/kleurlingen en blanken. Zo zaten bij het afscheidsfeest de doven die werken op Lewensruimte bij elkaar en de doven die waren uitgenodigd, waaronder ik, bij elkaar. Zo was er geen sprake van uitwisseling tussen deze twee groepen doven, of het kunnen vervullen van een voorbeeldfunctie.
Vroeger waren er drie aparte dovenscholen op deze locatie: een voor blanken, een voor zwarten en een voor kleurlingen.Doordat de apartheid nog niet zolang geleden is afgeschaft, zag je deze zelfde groepen nu nog steeds apart functioneren.
De lessen die vanuit Via ( Psychiatrische ziekenhuis voor doven en slechthorenden te Leidschendam) werden gegeven aan de dove medewerkers verliepen niet geheel naar wens. Het bleek dat deze mensen de inhoud van de lessen al kenden, maar de lessen toch moesten volgen, terwijl ze daar heel weinig tijd voor hadden. (Ze werken nota bene 24 uur per dag. Ik heb een diep respect voor deze mensen.). De positie die ze innamen was er een van dankbaarheid: “de mensen uit Nederland zijn zo goed voor ons”.Helaas werd er weinig gebruik gemaakt van mijn rol en positie tijdens de presentatie van de lessen. De dove mensen in de groep waren, zoals eerder gezegd passief of, beter gezegd, niet zelfbewust.Het was daardoor lastig om meer van mijn deskundigheid gebruik te laten maken, vooral omdat ik ze niets wilde opleggen.
De situatie daar was in dat opzicht wel te vergelijken met de situatie in Nederland van meer dan 15 jaar geleden.
Door mijn oplettendheid en/of assertiviteit heb ik wel enkele dingen kunnen doen zoals het verkennen van de school en het hebben van een gesprek met een met maatschappelijk werker. Anderzijds gebeurden er ook enkele dingen waarbij ik niet betrokken werd.
Het was prachtig geregeld allemaal in Lewensruimte. Het leek me allemaal wel een ideale wereld voor de verstandelijke gehandicapten (hoewel ik sommige mensen deze naam echt onwaardig vind) die er wonen . Ze mogen hun hele leven op het terrein blijven wonen, ook de dove personeelsleden. Ik was wel benieuwd hoe het voor hen geregeld is na hun pensioen.
Ik had een gesprek met een maatschappelijk werker waarin ze me vertelde dat ze me hier heel graag wilde zien, maar dat ik zelf moest verzinnen wat ik hier wilde gaan doen. Ik kwam hierin in strijd met mijn opvatting, dat ik niets wil opleggen of bepalen, maar dat samen wil doen.
Gevoelens en gedachten tijdens mijn trip
Ik heb het gevoel dat sommige mensen die weliswaar zeggen dat het erg goed is dat er een dove professional komt, in strijd kwamen met hun houding/denken tegenover mij. Ze zagen mij gewoon als hulpmiddel. Ik kreeg het gevoel, dat ik uitsluitend gebruikt werd als hulp, omdat ik nu eenmaal doof ben en niet omdat ik een professionele hulpverlener ben. Zo kreeg ik het gevoel, dat ik vooral met hen mee moest doen in plaats van mijn eigen ideeën te volgen, bijvoorbeeld tijdens de psychopathologie lessen moest ik lesgeven, terwijl de aanwezige doven deze materie al kenden.
Aan wiens kant sta ik nu, en is dit nu nodig, vroeg ik me af. Ook kreeg ik het gevoel dat ik opnieuw moest vechten voor erkenning van mijn rol en positie.
Ik voelde al deze oude gevoelens weer terugkomen. Dat kostte heel veel energie.
Ook een aantal dove personen op Lewensruimte voelen zich achtergesteld. Ze worden als dove persoon niet gewaardeerd om hun eigen kwaliteiten. Het gevolg hiervan was, dat ik met ze meevoelde en ze wilde helpen. Maar ze wilden dit niet en/of waren bang voor hun positie. En, mijn verblijf daar was ook te kort om iets duurzaams teweeg te kunnen brengen.
Tijdens mijn trip kwam ik dus ook in strijd met mezelf, omdat ik wel ervaringsdeskundige ben in deze rol.
Ik had dus een cultuurschok op verschillende terreinen. In het land zelf, waar nog vele vooroordelen heersen tegenover zwarten, waar ik me als blanke persoon voor schaam. En ook de vooroordelen van en tegenover doven, waar ik me als dove (plaatsvervangend) voor schaam.
Ik wil en moet als dove Nederlanders hun cultuur respecteren, maar deze staat ook in strijd met mijn gevoelens.
Advies
Het was goed om eens te gaan kijken in Worchester.
Wanneer er opnieuw over wordt gedacht om iets te doen, lijkt het me goed om met minimaal twee doven te gaan. Want je moet heel veel verduren daar. Je moet ook met iemand gaan, die dezelfde denkt als jijzelf. Het maakt niet uit of het een horende of dove persoon is, als het maar iemand is met dezelfde visie. Je moet in staat zijn om allerlei dingen te kunnen doen, namelijk assertief zijn, uitzoeken wat er allemaal gebeurt, telkens op de hoogte blijven, dingen zelf kunnen organiseren enz.
Want de doven daar in Worchester zijn ook anders ingesteld. Ze zijn meer verdraagzaam in hun rol. Door de dankbare passieve rol van de mensen in Worchester kwam ik in een ernstig gewetensconflict terecht omdat deze houding recht staat tegenover wat ik zelf vind en wil en deze opvatting tegelijkertijd niet aan hen wil opleggen.
Ook gaat het hier feitelijk helemaal niet om ontwikkelingswerk, want in het algemeen is Zuid Afrika geen onontwikkeld land. Het is een land dat op zich ontwikkeld is, maar nog niet klaar is met het overbruggen van alle kloven tussen blanken, zwarten en kleurlingen, tussen armen en rijken. Er is wel verschil tussen de dove mensen in Kaapstad en Worchester. In Kaapstad zijn de doven assertiever dan in Worchester. In Kaapstad had ik meer het gevoel dat ik goed ervaringen kon uitwisselen dan in Worchester. Wel was het zo dat mijn normen en waarden ook hier soms botsten met die van de blanke doven daar.
Ik vond het al met al wel een goede ervaring om te gaan. Mijn voornemens om daar drie maanden naartoe te gaan zijn nu vervallen. Misschien zijn er andere mogelijkheden voor mij om iets te doen, als er dan wel meer gebruik wordt gemaakt van mijn rol als dove professional en van mijn deskundigheid.
Terugkomend op de vraag die ik in de titel stel: “Ideaal en empowerment: kan dat samengaan??”. Ik denk wel dat dat samen kan gaan. Maar dat wel vereist is, dat je jezelf afvraagt of jíj dat ook werkelijk kunt, en dat je het kunt toegeven als je daartoe niet in staat bent!

